Skip Navigation Links
Skip Navigation Links

Skip Navigation Links

Veel gestelde vragen / FAQ

   Minimaliseren

VRAGEN OVER DE OUDERWERKING

Hoe weet ik of mijn ouderwerking een oudercomité of een ouderraad is? 

Moet de oudervereniging SABAM betalen?

Waar moeten we rekening mee houden als we een eetfestijn organiseren?

Is het mogelijk één ouderraad op te richten voor basis- en secundair onderwijs?

Waarom is het beter dat de ouderwerking een gift doet aan de school, dan dat ze zelf iets aankoopt?

Op welke manier kan er gestemd worden in de schoolraad?

Hoe kunnen we als ouderwerking mee denken over de luizenproblematiek?

Is een schoolraad verplicht als er ouders deel uitmaken van de inrichtende macht?

 

VRAGEN VOOR INDIVIDUELE OUDERS

Ben ik verzekerd als ik klasgenootjes vervoer?

Waar vind ik mijn rechten en plichten op school?

Moet de school beide ouders informeren als ze gescheiden zijn?

Wie beslist over de overstap naar het buitengewoon onderwijs?

Wie beslist over al dan niet zittenblijven?

Hoe komt het dat in sommige scholen de zomervakantie vroeger start?

Hoe lang moet je schriften bewaren?

Mag de school de uren kiezen waarop er les en pauze is? 

Mag de school 'medische handelingen' uitvoeren?

Is mijn gift aan de school fiscaal aftrekbaar?

Hoe weet ik of mijn ouderwerking een oudercomité of een ouderraad is?

Voorwaarden om van een 'ouderraad' te spreken:

  • Democratische samenstelling: alle ouders worden op de hoogte gebracht en kunnen zich kandidaat stellen om lid te worden. 
  • Huishoudelijk reglement: het participatiedecreet somt op rond welke punten er afspraken en regels moeten zijn.
  • Informatieplicht: een ouderraad moet communiceren over de georganiseerde activiteiten en de standpunten die ingenomen worden. 
  • Inspanningsverplichting naar kansengroepen: de ouderraad streeft naar een samenstelling die overeenstemt met het publiek van de school.
  • Financiën onder de school: de ouderraad kan een eigen rekening hebben maar deze moet opgenomen worden in de dubbele boekhouding van de school. 

De rechten en plichten van een ouderraad staan in het participatiedecreet. Een ouderraad heeft dus een wettelijke basis en is een officieel orgaan op school.

Een oudercomité is een groep ouders die zich verenigingen rond eenzelfde doel. Deze groep heeft het statuut van 'feitelijke vereniging' wat betekent dat de groep wel in de praktijk bestaat ('feitelijk'), maar juridisch (voor het gerecht) niet. Er zijn dan ook geen wettelijke rechten of plichten voor een oudercomité. 

Ben ik verzekerd als ik klasgenootjes vervoer? (Klasse)

De school vraagt soms chauffeurs voor vervoer naar het zwembad of om op bosklassen te gaan. Ben je als ouder dan eigenlijk wel verzekerd voor dat vervoer?

De vervoerde kinderen vallen onder je verplichte autoverzekering. Dat wil zeggen dat alle inzittenden beschouwd worden als zwakke weggebruiker en beschermd worden, ook al ben je zelf in de fout bij een ongeval. Zij worden integraal vergoed voor alle geleden lichamelijke schade.

Let wel op het maximum aantal personen dat vervoerd mag worden (lees er de autopolis op na!): als er meer kinderen in de auto zitten dan wettelijk toegestaan, kan de verzekeringsmaatschappij de uitbetaalde bedragen terugvragen.

Ken je ook de regels voor kinderzitjes? Bij occasioneel vervoer over een korte afstand, geldt voor kinderen die niet door hun eigen ouders worden vervoerd: wanneer er geen of onvoldoende kinderzitjes beschikbaar zijn in de auto, mogen kinderen vanaf 3 jaar achterin zonder kinderzitje. Ze moeten dan de veiligheidsgordel dragen. Die uitzondering geldt niet voor kinderen die door hun eigen ouders worden vervoerd. Voor hen geldt de algemene regel: kinderzitje verplicht als ze kleiner zijn dan 1,35m.
 

Waar vind ik mijn rechten en plichten op school?

In het begin van het schooljaar moeten ouders het schoolreglement ondertekenen (of de leerling zelf als hij/zij meerderjarig is). Hiermee verklaren ouders dat ze het schoolreglement zullen naleven. Sinds enkele jaren moet er ook een engagementsverklaring opgenomen worden. Deze legt de wederzijdse afspraken vast over:

  1. het oudercontact (hoe vaak, wanneer, waar, tijdstip...)
  2. voldoende aanwezigheid en spijbelen (schooluren, wat bij ziekte, wat bij spijbelen...)
  3. de individuele leerlingenbegeleiding (aanbod van de school en CLB voor leerlingen met specifieke noden)
  4. een positief engagement ten aanzien van de onderwijstaal (Nederlands leren en praten)
De engagementverklaring geeft zowel aan waartoe ouders zich moeten engageren als wat de school aanbiedt op deze vier vlakken.
 
Moet de school beide ouders informeren als ze gescheiden zijn?

Als een gescheiden ouder het exclusief ouderlijk gezag krijgt, heeft de andere ouder het recht op toezicht. Dit houdt onder meer in dat hij/zij geïnformeerd moet worden over de opvoeding van het kind (schoolresultaten, oudercontacten, leerlingenbegeleiding...). Gaat hij/zij niet akkoord met beslissingen van de andere ouder, dan kan naar de jeugdrechtbank of de kortgedingrechter gestapt worden.

In elk geval (behalve wanneer iemand uit het ouderlijk gezag ontzet is) moet de school beide ouders informeren over schoolresultaten, begeleidingsactiviteiten, oudercontacten, informatievergaderingen, bevoegd CLB, schoolfeesten, enzovoort (actieve informatieplicht). Als een tuchtprocedure wordt gestart tegen de leerling, moeten beide ouders op de hoogte gebracht worden.

De school kan niet automatisch veronderstellen dat de informatie beide ouders bereikt, maar kan wel met de ouders afspreken dat informatie, zoals de klasagenda, via de ene ouder bij de andere ouder terecht komt. De school zal ook zoveel mogelijk alle informatie die de leerling meekrijgt dubbel of parallel aanbieden. Ondanks dergelijke afspraak mag de school de informatie niet weigeren als de andere ouder daarom vraagt (passieve informatieplicht). Dit betekent niet dat de school verplicht is vragen te beantwoorden die onredelijke eisen qua tijd en middelen stellen, zoals het opstellen van een verslag of het invullen van een vragenlijst.

Meer info in de omzendbrief 'ouderlijk gezag in onderwijsaangelegenheden'.
 

Wie beslist over de overstap naar het buitengewoon onderwijs?

Als een kind niet meekan op school dan is de belangrijkste vraag: wat heeft dit kind nodig om te leren? Met die vraag gaan lerarenteams aan de slag. Het onderwijs mag zich niet blindstaren op de vraag: wat is er mis met dit kind?

Het antwoord op de noden van de leerling ligt in de eerste plaats in het gewoon onderwijs. Elke school moet een doorgedreven zorgbeleid uitbouwen (een zorgcontinuüm) en zoeken naar redelijke aanpassingen. Als dat niet genoeg helpt, dan kan het kind naar het buitengewoon onderwijs.

Een kind kan enkel naar het buitengewoon onderwijs met een verslag van het CLB. Voor GON-begeleiding geeft het CLB een gemotiveerd verslag. Geen enkele andere instantie kan die verslagen afleveren. De onderwijsinspectie zal toezicht houden op de kwaliteit van de verslagen van de CLB’s.  Het CLB zal eerst bekijken of alle mogelijke maatregelen werden genomen in de gewone school alvorens te verwijzen naar het buitengewoon onderwijs. Doorverwijzen naar een buitengewone school louter op basis van de sociale achtergrond van een kind (kansarm, anderstalig gezin) kan niet.

Meer info over het M-decreet vind je op de site van Klasse.
 

Wie beslist over al dan niet zittenblijven? (Klasse)

Je kind zit in de kleuterschool

  • Naar het lager onderwijs?
    Een kind stapt meestal over van de kleuterklas naar de lagere school als het 6 jaar is. Of juister: op 1 september van het jaar waarin het 6 wordt. De ouders beslissen of hun kind overgaat of nog een jaar in de kleuterklas blijft. Je kind moet wel aan de toelatingsvoorwaarden voldoen.
  • Niet schoolrijp?
    Is je kind al 6, maar nog niet klaar voor het eerste leerjaar? Dan kan je als ouder beslissen om het nog 1 jaar langer kleuteronderwijs te laten volgen. In de gewone school of in een speelleerklas. Je kind is dan wel leerplichtig: het moet dan elke dag naar school.
  • Sneller naar het eerste leerjaar?
    Alleen de klassenraad kan beslissen of je kind een jaar vroeger naar de lagere school mag, dus als het pas 5 is. Het CLB geeft advies. Als beslist wordt dat je kind van 5 naar de lagere school gaat, dan is het leerplichtig.

Je kind zit in het lager onderwijs

  • Overgaan naar een volgend leerjaar?
    Of een kind naar een volgend leerjaar mag overgaan, beslist de school. De school zegt dus in welk leerjaar een kind thuishoort en dus ook of het een jaar moet ‘zittenblijven’. Hoe de school omgaat met overgaan of zittenblijven staat meestal in het schoolreglement.
    Je gaat niet akkoord? Een andere school is misschien bereid om je kind in een het volgende leerjaar in te schrijven.
  • Overgaan naar het secundair?
    De periode in het lager onderwijs duurt in principe 6 jaar. Is je kind een regelmatige leerling geweest? Dan beslist de klassenraad of je kind de doelen uit het leerplan voldoende beheerst. Daarin zitten leraren en CLB-medewerkers. Als dat zo is, heeft je zoon of dochter zijn eerste getuigschrift op zak: dat van het basisonderwijs. Het is zijn toegangsticket voor het secundair onderwijs.
    Heeft je kind het zesde leerjaar van de lagere school afgerond, maar kreeg het geen getuigschrift? Het kan toch starten in het eerste leerjaar A van het secundair onderwijs als de toelatingsklassenraad en het CLB van de secundaire school dat zien zitten.
    Een kind mag maximaal 8 jaar doorbrengen in de lagere school. Voor dat laatste jaar is een gunstig advies van het CLB en van de klassenraad nodig. Maar de ouders hebben het laatste woord. Leerlingen die 15 jaar zijn, kunnen niet meer in de lagere school terecht.
  • Overgaan naar het eerste leerjaar B in het secundair onderwijs?
    Als je kind geen getuigschrift heeft van het lager onderwijs, dan kan het wel instappen in het eerste leerjaar B. De ouders beslissen. Zelfs leerlingen die het zesde leerjaar niet gevolgd hebben, kunnen daar starten. Voorwaarde is wel dat ze 12 zijn of worden vóór 31 december van het lopende schooljaar. Leerlingen die in het eerste leerjaar A of B geslaagd zijn, krijgen automatisch een getuigschrift van het basisonderwijs.
  • Sneller naar het secundair
    Je kind moet de lagere school niet op 6 jaar afwerken: het moet minstens 4 jaar doorbrengen in de lagere school. De klassenraad kan een hoogbegaafde leerling bijvoorbeeld al na het vijfde leerjaar een getuigschrift basisonderwijs geven zodat hij naar het secundair kan overstappen.
  • Buitengewoon onderwijs is anders
    Bij de overstap van het gewoon naar het buitengewoon onderwijs, krijg je wel een advies van het clb en de school, maar het is niet bindend. Ouders hebben daar dus het laatste woord.

Je kind zit in het secundair onderwijs

De klassenraad beslist. De klassenraad geeft A-, B- of C‑attest. Studenten gaan in het secundair onderwijs naar het volgende leerjaar als ze een oriënteringsattest A of B hebben gekregen.

  • A‑attest betekent dat ze geslaagd zijn en hun studierichting verder kunnen zetten.
  • Een B‑attest houdt in dat de leerling de vooropgestelde doelen niet heeft behaald. Hij mag dan wel naar een volgend leerjaar over, maar niet naar om het even welke studierichting.
  • Een C‑attest betekent dat de leerling niet geslaagd is voor het voorbije schooljaar, en dus moet ‘blijven zitten’. De leerling mag niet overgaan naar een hoger leerjaar. Verandering van studierichting binnen hetzelfde leerjaar mag wel.

In sommige gevallen mag een kind ook overgaan op basis van leeftijd: naar het tweede beroepsvoorbereidend leerjaar mag je als je 14 bent, naar een derde jaar bso als je 16 bent. Het is telkens de klassenraad die daarover beslist.

Niet akkoord met het attest dat je kind op het einde van het jaar kreeg? Lees de procedure in het schoolreglement: alleen via de weg die daar beschreven staat, kan je de beslissing in twijfel trekken.

Meer info over zittenblijven, overgaan en overslaan vind je op de site onderwijs.vlaanderen.be.
 

Moet de oudervereniging SABAM betalen?

Alle info over SABAM en de billijke vergoeding vind je in de Ouderwijs van febr. 2014.
 

Waar moeten we rekening mee houden als we een eetfestijn organiseren?

Alle info over voedsel- en hygiënenormen staan in de Ouderwijs van maart 2013.
 

Hoe komt het dat in sommige scholen de zomervakantie vroeger start? (Vlaamse Scholierenkoepel)

De zomervakantie start in principe op 1 juli, maar secundaire scholen kunnen 30 lesvrije dagen per schooljaar gebruiken om examens, verbetering, deliberaties en evaluatiegesprekken te organiseren.

De school beslist zelf hoe de examenperiode eruitziet en hoe lang ze duurt, zolang ze die 30 dagen maar niet overschrijdt. Het zou dus kunnen dat de examenperiode in de ene school vroeger stopt dan in de andere school. Veel hangt af van wanneer de examens beginnen en hoeveel examenperiodes een school organiseert.

Je school mag wel ten vroegste vijf lesdagen voor het einde van het schooljaar starten met delibereren. Je school kan dan beslissen dat je tijdens die dagen niet naar school hoeft te komen. Als ouders dat vragen, moet je school in die periode opvang voorzien en zinvolle activiteiten organiseren.  

In het basisonderwijs kan de school de lessen de laatste schooldag voor de zomervakantie een halve dag schorsen, zodat de school in staat is om oudercontacten of andere typische opdrachten aan het einde van het schooljaar te realiseren.(http://onderwijs.vlaanderen.be/nl/schoolvakanties-en-andere-vrije-dagen)
 

Hoe lang moet je schriften bewaren? (Klasse)

In het basisonderwijs ben je niet verplicht schriften te bewaren. Zelfs rapporten mag je weggooien. Als je kind naar het secundair overgaat, moet je wel zorgvuldig het getuigschrift basisonderwijs bijhouden.

In het secundair spreekt de school per studierichting 3 leerlingen aan. Zij moeten dan tot het einde van het schooljaar daarop hun schriften, huistaken en werkstukken bijhouden. Die zijn voor de inspectie bedoeld. Ofwel bewaart de school die schriften, of ze spreekt met de leerlingen af dat ze die thuis bewaren. 

Mag de school de uren kiezen waarop er les en pauze is? (Vlaamse Scholierenkoepel)
 
De lesuren moeten verdeeld worden over vier en een halve dag, van maandag tot vrijdag. De meeste scholen kiezen ervoor woensdagnamiddag vrij te geven.
De schooldag mag ten vroegste om 8.00 u. beginnen en moet ten laatste om 17.00 u. stoppen. De lessen mogen ten vroegste om 15.00 u. eindigen.
De school is verplicht een middagpauze van minimum vijftig minuten te voorzien. Voor het organiseren van de speeltijden is ze vrij.

Opmerking: bij het bepalen van de schooluren en de middagpauzes kunnen scholen wel een afwijking vragen.

Mag de school medische handelingen uitvoeren?

We wachten op een regelgevend kader in verband met het uitvoeren van medische handelingen op school. Ondertussen hebben we wel de adviezen van het VSKO (huidig Katholiek Onderwijs Vlaanderen) ter beschikking: Standpunt inzake medicatie en eerste hulp op school met  stappenplannen:

  1. Een kind wordt ziek op school – Het heeft een onschuldig ongemak
  2. Een kind wordt ziek op school en is niet meer in staat lessen te volgen
Lees ook onze nieuwsbrief Ouderwijs 'ziek op school' van januari 2015.

Is het mogelijk één ouderraad op te richten voor basis- en secundair onderwijs?

Een ouderraad wordt opgericht op het niveau van de school en kan dus niet voor basis- en secundair onderwijs samen opgericht worden. Een overkoepelende werkgroep met afgevaardigden uit beide ouderraden is wel mogelijk, bijv. voor de organisatie van gemeenschappelijke activiteiten. Maar voor de adviesbevoegdheid ten aanzien van de schoolraad is dit niet aangewezen. De onderwerpen die besproken worden en de bezorgdheden van ouders zijn voor basis- en secundair onderwijs verschillend. Ouders van kinderen uit resp. basis- en secundair onderwijs kunnen wel uitgenodigd worden op de ouderraad van resp. secundair en basisonderwijs, maar dan als expert of deskundige. In geval van stemming hebben ze geen stemrecht op dat moment.

Waarom is het beter dat de ouderwerking een gift doet aan de school dan dat ze zelf iets aankoopt?

Als de ouderwerking iets aankoopt, bijv. een beamer, turntoestel... en dit aan de school schenkt, staat de factuur op naam van de ouderwerking. Als de ouderwerking hetzelfde bedrag aan de school schenkt, met de afspraak er dezelfde beamer, turntoestel... mee te kopen, staat de factuur op naam van de school. Dit laatste is beter omdat de ouderwerking er dan geen zorgen meer mee heeft. Bijv. in verband met de garantie als het toestel stuk is, gerepareerd moet worden, of als er een onderhoudscontract moet afgesloten worden.

Het is ook belangrijk in verband met de BTW. Een school betaalt (sinds januari 2016) voor infrastructuurwerken of eerste uitrusting onroerend van aard, die boekhoudkundig als investering worden ingedeeld (en niet als kost) slechts 6% btw ipv 21%. In vele gevallen zullen deze investeringswerken gekoppeld zijn aan een Agion-subsidie (70% voor lager onderwijs, 60% voor secundair onderwijs).
Stel een school renoveert een sanitair blok. Investering van 120.000 euro excl. btw. Btw-tarief van 6% zal van toepassing zijn, met subsidiëring. Stel dat de ouderwerking voorstelt om de ramen voorzien in dit project te betalen uit de kas van de ouderwerking (20.000 euro), dan zal op dit bedrag 21% btw van toepassing zijn, gezien de factuur verstuurd wordt naar een feitelijke vereniging die op zich geen onderwijsinstelling is. Bovendien zal die 20.000 niet in aanmerking komen voor subsidie gezien de school geen factuur zal kunnen voorleggen aan Agion. Indien de ouderwerking 20.000 euro als gift overmaakt aan de school, bestemd voor de ramen, dan kan die 20.000 euro kost mee gefactureerd worden aan 6% en gesubsidieerd worden. Meer info bij AGION, het agentschap voor infrastructuur in het onderwijs: http://www.agion.be/btw.

Is mijn gift aan de school fiscaal aftrekbaar?

Als een particulier een gift doet, dan is deze niet fiscaal aftrekbaar in de personenbelasting omdat een schoolbestuur geen fiscale attesten meer mag afleveren.

Als een zelfstandige een gift doet aan de ouderraad of de school, dan staat er meestal een tegenprestatie tegenover zoals bijv. een banner plaatsen tijdens een activiteit. Het gaat dan om kleinere giften. Dit mag mits de regels in verband met reclame en sponsoring op school in acht genomen worden. 

 

Gaat het om grotere giften, dan zal de fiscus mogelijk toekijken welke tegenprestaties tegenover deze gift staan. Als bijv. een zelfstandige een gift van € 10.000 doet om de toiletten te vernieuwen, dan wordt de fiscale aftrekbaarheid mogelijk een probleem. Ook als een zelfstandige bijv. twee digiborden schenkt aan de school, maar de factuur op zijn bedrijf laat toekomen.

Op welke manier kan er gestemd worden in de schoolraad?

De VCOV raadt aan om zoveel mogelijk in gesprek te gaan en te streven naar een consensus. In uitzonderlijke gevallen, als men na overleg niet tot een gemeenschappelijk standpunt komt, kan er gestemd worden. In het participatiedecreet vind je geen bepalingen omtrent de besluitvorming in de schoolraad. De schoolraad moet die zelf vastleggen in het huishoudelijk reglement.

Aanbevelingen VCOV:
-    Aan elke geleding een gelijk aantal stemmen geven.
-    Stemmen via handopsteking (tenzij een lid om geheime stemming vraagt).
-    De beslissing nemen bij gewone meerderheid (de helft van de stemmen + 1)
-    Voor een geldige besluitvorming, moet minstens de helft van het totaal aantal leden aanwezig zijn.

Hoe kunnen we als ouderwerking mee denken over de luizenproblematiek?

Fijn dat de ouderwerking mee wil denken over de aanpak van het luizenprobleem op school, een probleem dat in elke school de kop opsteekt. Eerst en vooral willen we duidelijk stellen dat het aanspreken van ouders op luizen bij hun kind, een taak van de school en/of CLB is. Dit is geen opdracht voor de ouderwerking. De luizenproblematiek in het algemeen kan uiteraard op een vergadering besproken worden. De ouderwerking kan mee nadenken over het luizenbeleid: hoe gebeurt de controle, hoe worden ouders geïnformeerd, hoe wil je zelf op de hoogte gebracht worden…

Een belangrijk uitgangspunt is dat wellicht elke ouder bereid is om luizen te bestrijden, maar dat niet elke ouder sterk genoeg is om dit alleen te kunnen. Soms zijn er gezinnen waar de luizenproblematiek erg langdurig en zeer hardnekkig is. De school kan dan wel sensibiliseren, informeren en preventief werken. Maar deze ouders hebben vaak ook hulp thuis nodig. Luizen worden ook verspreid via beddengoed, knuffels, andere huisgenoten… dus de aanpak moet heel breed gezien worden. Het CLB en de schoolarts moeten hier dan ingeschakeld worden zodat er ook thuis begeleiding kan voorzien worden. 

Het is goed een gecoördineerd beleid te voeren rond preventie van luizen en de bestrijding ervan op school. Discretie is een sleutelwoord want niemand heeft er graag mee te maken en het komt overal, in alle lagen van de bevolking, voor. Best is vanaf het begin van het schooljaar niet culpabiliserend info te verstrekken: vragen oog te hebben voor en melden dat de school dit zal melden en omgekeerd dat de school het apprecieert als de ouders dit zouden melden bij vaststelling van luizen bij hun kind/scholier. Brieven daarvoor zijn normaal beschikbaar bij het CLB. Indien dit niet het geval is, is het best dat de school de schoolarts contacteert voor goede preventieve info.

Stelt men luizen vast, dan is de plaag wellicht al meer verspreid.
o   De getroffen leerling en de ouders discreet wijzen op het probleem is een eerste stap;
o   De klasgenoten en, ruimer, een groep leerlingen of de hele schoolbevolking (in te schatten aan de hand van het aantal gevallen waar/wanneer) informeren op een niet-beschuldigende manier is dan de boodschap;
o   In de brief is het belangrijk ook te wijzen op de goedkoopste manieren om luizen te bestrijden want het aanbod is groot doch niet altijd even doeltreffend. 


Sommige scholen hebben een 'kriebelteam' van ouders en leerkrachten, die af en toe, in de gevoelige periodes, controles uitoefenen en nadien discreet de ouders informeren. Dat laatste doen de leerkrachten, niet de helpende ouders. Het kriebelteam is een ondersteuning, ouders kunnen niet verplicht worden hun kind door deze vrijwilligers te laten controleren. 
Vele basisscholen gebruiken de 'luizenalarmsticker' en bijhorende brief om alle ouders te informeren.

Nuttige info:
-          http://www.vlaanderen.be/nl/gezin-welzijn-en-gezondheid/gezond-leven/luizen 
-          https://www.klasse.be/3517/luizen-uitroeien-in-8-stappen/ Folder Klasse in bijlage (online beschikbaar in verschillende talen). 
-          http://www.cm.be/ziekte-en-behandeling/klachten-en-ziekten/hoofdluizen/index.jsp 
 

Is een schoolraad verplicht als er ouders deel uitmaken van de inrichtende macht?

Een inrichtende macht is niet verplicht een schoolraad op te richten als:

- de inrichtende macht voor ten minste twee derde is samengesteld uit rechtstreeks gekozen vertegenwoordigers van personeel en van ouders.

- er een billijk evenwicht is tussen de vertegenwoordigers van personeel en van ouders. Dit evenwicht is gewaarborgd:

         - indien deze geledingen evenveel stemmen hebben, of

         - indien het aantal stemmen van de grootste geleding kleiner is dan de helft van het totaal aantal stemmen.

- in het secundair onderwijs geldt als bijkomende voorwaarde dat vertegenwoordigers van de leerlingenraad met raadgevende stem betrokken worden bij de onderwerpen waar een schoolraad bevoegd voor is. Het aantal vertegenwoordigers van de leerlingen is ten minste gelijk aan dat van de vertegenwoordigers van de ouders.

Bijv. een inrichtende macht bestaande uit 9 personen:
-    3 externen
-    3 ouders
-    3 personeelsleden
=> schoolraad is niet verplicht, 2/3 van de leden zijn immers vertegenwoordigers van personeel en ouders + tussen deze vertegenwoordigers is er een goed evenwicht

-    4 externen
-    3 ouders
-    2 personeelsleden
=> schoolraad is verplicht want er is geen 2/3 meerderheid voor personeel en ouders

-    5 personeelsleden
-    4 ouders
=> schoolraad is verplicht want er is wel een 2/3 meerderheid voor personeel en ouders maar het personeel heeft meer dan de helft van de stemmen.

 

 


 

 

  

 

   Minimaliseren

   Minimaliseren