De vaststelling van de criteria voor de aanwending van lestijden, uren, uren-leraar en punten

Zoeken

Dit document is enkel zichtbaar voor leden van de VCOV.
Word nu lid
Lestijden, uren, uren-leraar en punten

Het schoolbestuur (of zijn gemandateerde) legt ieder ontwerp van beslissing voor overleg aan de schoolraad voor als dat betrekking heeft op:
de vaststelling van de criteria voor de aanwending van lestijden, uren, uren-leraar en punten.

1.    Wat zegt het participatiedecreet over criteria voor de aanwending van lestijden?
Het participatiedecreet van 2 april 2004 verplicht  scholen van het gesubsidieerd onderwijs tot het oprichten van een schoolraad in het basis- en secundair onderwijs. Dit decreet geeft volgens artikel 21 onder punt 9 aan de schoolraad onder andere overlegbevoegdheid rond de criteria voor de aanwending van lestijden . Het gaat hier over de criteria en niet over de invulling van functies. De personeelsformatie zelf is de bevoegdheid van het schoolbestuur of zijn afgevaardigde(n).

2.    Hoe weten scholen hoeveel personeel ze kunnen inzetten?

AGODI, het AGentschap voor OnderwijsDIensten, bezorgt de scholen op het einde van het voorafgaande schooljaren een dienstbrief met daarin ‘uren’ die de school het volgende schooljaar kan inrichten. AGODI berekent deze ‘uren’ aan de hand van het aantal leerlingen die op de eerste lesdag van februari van het voorafgaande schooljaar ingeschreven waren in de school.

3.    Hoe verdelen de scholen de ‘uren’?

  • Het is belangrijk om in het basisonderwijs onderscheid te maken tussen de opdracht, de schoolopdracht en de hoofdopdracht. AGODI deelt de hoofdopdracht  mee aan de scholen via de dienstbrief.

  • In het secundair onderwijs hanteert men een gelijkaardig principe. Hier werkt men met een opdrachtbreuk. Deze opdrachtbreuk omvat niet de totale werkduur. Er horen nog andere taken bij: vergaderingen, toezicht, verbeterwerk, verslagen, oudercontact… AGODI deelt de opdrachtbreuken mee.
  • In de dienstbrief die de school van AGODI krijgt staan alle personeelsmiddelen die de school kan invullen voor het volgende schooljaar. Niet alle ‘uren’ worden uitgedrukt in lestijden. Sommige functies drukt de overheid uit in punten (zorgcoördinator, ICT-coördinator, administratief medewerker…) of in klokuren (bepaalde functies in het buitengewoon onderwijs, kinderverzorgers,…). De school moet aan de hand van de punten voor bepaalde functies zelf berekenen hoeveel uren ze effectief kan inrichten. Bij de berekeningen voor het aantal in te richten uren, houdt de school rekening met het diploma van het personeelslid dat de functie zal uitoefenen.
  • Indien de school door een misrekening te veel ‘uren’ inricht, moet de school dit teveel aan ingerichte uren terugbetalen aan AGODI.


4.    Hoe kan een schoolraad constructief meewerken aan schoolbeleid?

  • Het is de school die bepaalt welke personeelsleden worden aangenomen en in welke functie ze tewerkgesteld worden. Ouders hebben hier geen inspraak in.
  • Via de schoolraad kunnen ouders vragen stellen en overleggen over bepaalde beleidsbeslissingen. In de basisschool kan dit gaan over het al dan niet opsplitsen van een leerjaar, in het secundair bijvoorbeeld over verschillende klasgroepen die gezamenlijk les krijgen voor een bepaald vak of het invoeren van een bepaalde functie…
  • Soms beslissen scholen om extra uren aan te kopen vanuit de werkingsmiddelen of om beleidsfuncties (BPT-uren: Bijzondere Pedagogische Taken) in te richten vanuit het lestijdenpakket. De schoolraad heeft in beide situaties overlegbevoegdheid.


5.   Aandachtspunten

  • Kijk er op toe dat er zeker een schoolraad gepland wordt op het einde van februari of begin maart. Na 1 februari gaan directie en inrichtende macht berekenen hoeveel speelruimte ze hebben voor de organisatie van het onderwijs in het volgende schooljaar.
  • Vraag de nodige documentatie die zicht geeft op de nieuwe situatie na de telling van 1 februari: de berekening van het nieuwe lestijdenpakket of pakket uren-leraar, de vergelijking met de situatie van het lopende schooljaar.
  • Bespreek op de ouderraad de nieuwe situatie en wat de gevolgen kunnen zijn voor het volgende schooljaar. Vraag hierbij de hulp van de directie om de cijfers juist te interpreteren.
  • Ga na welke prioriteiten de ouders hebben bij de inrichting van het onderwijs naar het volgende schooljaar toe. Houd hierbij rekening met realistische vragen en wensen, bv. zo weinig mogelijk leerlingen per klas is een nobel streefdoel maar niet altijd te verwezenlijken. Ook een maximale ondersteuning (zorg, ICT) is voor elke school aangenaam maar niet altijd haalbaar, bv. voor scholen die kampen met een dalend leerlingenaantal.
  • Wanneer het overleg over de criteria en de aanwending van lestijden, uren, uren-leraar en punten op de schoolraad aan bod komt, zullen de inrichtende macht en de directie wellicht met een uitgewerkt voorstel op tafel komen. Dit zal vermoedelijk pas naar het einde van het schooljaar toe gebeuren. Vraag om dit voorstel vooraf te mogen bestuderen zodat het kan getoetst worden aan de voorstellen die op de vorige schoolraad besproken werden.
  • Houd er rekening mee dat bij een niet-akkoord de inrichtende macht uiteindelijk de gemotiveerde eindbeslissing neemt.

Bronnen


VCOV, juni 2020


Feedback geven